Edvard Grieg
Componist

1843 – 1907

Portret van Grieg
Hallo, ik ben Edvard Grieg, componist uit Bergen, waar ik in 1843 ben geboren. Op deze pagina vertel ik je graag het verhaal van mijn leven. Op deze site leren mijn collega-componisten en ik je ook mijn muziek te herkennen zodra je die hoort, dus probeer het gerust eens met  de Trainer .
---

Een Schot in Bergen

Ik werd op 15 juni 1843 geboren in Bergen, in een gezin waar het Schotse verleden nog in de achternaam zat, want die schreef men oorspronkelijk als Greig. Mijn betovergrootvader was rond 1770 uit Schotland naar Noorwegen gekomen, maar ik was dus gewoon een Bergenaar, met regen en al. Mijn moeder Gesine gaf me op mijn zesde de eerste pianolessen, en ik denk dat ze toen al wist dat ik daar niet zo snel meer vanaf zou komen. In 1858 haalde de violist Ole Bull, een vriend van de familie, mijn ouders over om me naar het conservatorium van Leipzig te sturen, waar ik tot 1862 piano studeerde en later vooral merkte dat ik mijn eigen stem daar nog niet had gevonden.

Een concert dat ik niet meer kwijtraakte

In 1863 ging ik voor drie jaar naar Kopenhagen, en daar kwam ik pas echt op het spoor van wie ik wilde zijn. Ik ontmoette er Niels Gade en J. P. E. Hartmann, maar mijn belangrijkste vriend werd Rikard Nordraak, die mij liet inzien dat Noorse muziek een eigen klank mocht hebben. In 1867 trouwde ik met mijn nicht, de zangeres Nina Hagerup, en in de zomer van 1868 schreef ik mijn Pianoconcert in a-klein. Op 3 april 1869 werd het in Kopenhagen voor het eerst gespeeld, met Edmund Neupert aan de piano, en sindsdien hoort dat stuk bij mij zoals een hoed bij een hoedenmaker.

Tussen fjorden en orkestbak

Bergen bleef voor mij de plek waar ik altijd weer terugkwam, ook als ik elders werkte. Van 1880 tot 1882 was ik muzikaal leider van Harmonien, het orkest van de stad dat nu het Bergen Philharmonic heet. Dirigeren was mooi werk, maar het liet weinig tijd over om te componeren, en dat gaf me steeds het gevoel dat ik twee dingen tegelijk probeerde te doen. Daarom bouwden Nina en ik een villa buiten de stad, Troldhaugen, die in 1885 klaar was, en vanaf dat voorjaar woonde ik daar zo rustig als een componist met een volle agenda maar kan.

Een toneelstuk met te veel muziek

In 1874 vroeg Henrik Ibsen of ik muziek wilde schrijven bij zijn toneelstuk Peer Gynt, en ik zei ja voordat ik goed besefte hoeveel werk dat zou worden. Ik schreef die muziek in 1875, en op 24 februari 1876 ging het stuk in Christiania in première, met mijn noten erbij als begeleiding van het toneel. Later koos ik acht stukken uit die muziek voor twee suites, en de Peer Gynt Suite No 1 verscheen in 1888, met stukken die van zachte, stralende rust tot een dreigende, steeds sneller stampende dans gaan. Je hoeft het toneelstuk niet te kennen om te horen dat er een verhaal in zit, want de muziek vertelt het zelf, en als je de laatste dans hoort, begrijp je meteen waarom je er niet midden in kunt weglopen.

Een zwakke borst en een groot verdriet

Mijn gezondheid was al jong slecht, en in 1860 kreeg ik een borstvliesontsteking en tuberculose die mijn linkerlong verwoestten. Daarna had ik ook een vergroeiing van de rug, dus een gemakkelijk leven was het nooit, al heb ik me daar niet door laten tegenhouden. Het ergste was echter het verlies van onze enige dochter Alexandra, die in 1868 werd geboren en in 1869 overleed aan hersenvliesontsteking. Over zoiets schrijf je geen grappen, maar ik denk dat veel van de tederheid in mijn muziek uit zulke jaren komt.

Eerbewijzen met een slechte long

Ondanks mijn zwakke gezondheid werd ik in mijn latere jaren steeds vaker geëerd, en in 1894 kreeg ik een eredoctoraat van Cambridge. In 1906 volgde er nog een uit Oxford, wat voor een jongen uit Bergen die op zijn zestiende naar Leipzig ging best een mooie afsluiting van een lange weg was. Mijn longen en mijn hart werkten steeds slechter, en uiteindelijk overleed ik op 4 september 1907 in het ziekenhuis van Bergen, aan hartfalen, op 64-jarige leeftijd. Mijn laatste woorden zouden volgens het verhaal zijn geweest: "Nou, als het zo moet zijn", maar of dat precies zo gebeurd is, weet niemand echt zeker.

Wat er na mij bleef

Er kwamen zo'n 30.000 tot 40.000 mensen naar mijn begrafenis, en dat zegt me dat mijn muziek in Noorwegen niet onopgemerkt was gebleven. Mijn as werd bijgezet in een grot in de rotsen vlak bij Troldhaugen, en later kwam Nina's as naast de mijne te liggen, wat ik een erg fijn idee vind. Mijn huis is nu het Edvard Grieg Museum, en in Bergen dragen de concertzaal en de muziekacademie mijn naam, de Grieg Hall en de Grieg Academy. Ik denk dat ik het mooist vind dat jonge musici daar elke dag op school komen en wat ik begonnen ben op hun eigen manier voortzetten.

Wat ik je wil meegeven

Ik hoop dat je mijn muziek gewoon kunt horen zoals je naar een uitzicht kijkt, zonder dat je er eerst iets over hoeft te weten. Als je de Peer Gynt Suite No 1 opzet, mag je je een berg, een ochtend of een nare ontmoeting voorstellen, alles wat bij jou past is goed. Ik schreef die noten met Noorwegen in mijn hoofd, maar ik merk dat ze ook werken voor mensen die nog nooit een fjord hebben gezien. Dus luister maar eens, en vertel me daarna gerust welk deel jou het meest heeft verrast.
---
Heb je er plezier in gehad om meer over mijn leven te lezen? Op deze site kun je de Peer Gynt Suite No 1 ontdekken, een werk van mijn hand dat ik met veel liefde heb gemaakt. Klik gerust op de links hieronder, dan nodig ik je uit om er zelf naar te luisteren.
Peer Gynt Suite No 1
Peer Gynt Suite No. 1, Op. 46