Isaac Albéniz
Componist

1860 – 1909

Portret van Albéniz
Welkom, ik ben Isaac Albéniz, een Spaanse componist en pianist die op deze site gewoon als Albéniz bekendstaat. Ga er rustig voor zitten, want ik neem je graag mee in het verhaal van mijn eigen leven. Bovendien helpen mijn collega-componisten en ik je hier om mijn muziek meteen te herkennen zodra je haar hoort, dus  doe gerust eens mee .
---

Kleuter achter het klavier

Ik werd in 1860 geboren in het Catalaanse Camprodon, en op mijn vierde zat ik in Barcelona al op het podium achter de piano terwijl andere kleuters nog leerden hoe ze hun veters moesten strikken. Het verhaal gaat dat ik een paar jaar later zelfs het toelatingsexamen van het conservatorium in Parijs haalde, maar dat ze me buiten de deur hielden omdat ik veel te jong en te druk was. Reizen zat er in elk geval vroeg in, want door het werk van mijn vader Ángel als douanebeambte verhuisde ons gezin naar plekken als Cuba en de Verenigde Staten. Uiteindelijk kon ik dankzij een koninklijke beurs rustig gaan studeren aan het conservatorium in Brussel, waar ik in 1879 de eerste prijs voor piano won.

De klank van thuis

Hoewel ik mijn vingers inmiddels aardig snel over de toetsen kon laten vliegen, zocht ik als componist nog naar een geluid dat echt van mij was. Dat veranderde allemaal in 1883, het jaar waarin ik niet alleen trouwde met mijn leerlinge Rosina Jordana, maar ook de componist Felip Pedrell ontmoette. Pedrell liet me inzien dat ik niet naar andere landen hoefde te kijken voor inspiratie, omdat de mooiste melodieën en ritmes gewoon in Spanje op straat lagen. Dat advies werkte als een goede kop koffie op een slaperige ochtend, en vanaf dat moment besloot ik mijn hart volledig aan de Spaanse muziek te verpandden.

Van de Londense mist naar Parijs

Hoe Spaans mijn muziek ook klonk, zelf woonde ik in de jaren negentig een flinke tijd tussen de regenbuien van Londen en de boulevards van Parijs. In Londen werkte ik bij het theater en sloot ik een bijzondere overeenkomst met de schatrijke bankier Francis Burdett Money-Coutts, die mij financieel ondersteunde als ik zijn Engelse teksten op muziek zette. Mensen vragen zich nog altijd af of die deal nu een vloek of een zegen voor me was, alsof je een gratis villa krijgt waar je verplicht elke dag spruitjes moet eten. Later voelde ik me gelukkig helemaal thuis in Parijs, waar ik pianoles gaf en goede vrienden werd met componisten als Claude Debussy, Gabriel Fauré en Paul Dukas.

Een piano met zes snaren

In die jaren schreef ik veel muziek waarin je het Spaanse landschap bijna kunt ruiken, zoals mijn Suite española en de bundel Chants d'Espagne. Op deze site kun je luisteren naar Asturias (Leyenda), een stuk dat begint met een dreigend, fluisterend ritme dat plotseling losbarst en later overgaat in een dromerige melodie. Het grappige is dat bijna iedereen denkt dat ik dit werk voor de klassieke gitaar heb geschreven, terwijl ik in mijn hele leven geen noot voor dat instrument op papier heb gezet. Ik componeerde alles namelijk gewoon voor de piano, al probeerde ik die toetsen wel zo te laten klinken alsof er een trotse Spaanse gitarist in mijn huiskamer zat.

Sterke verhalen aan de bar

Als mijn leven soms al klonk als een avonturenroman, dan hielp ik daar zelf graag nog een handje bij door de waarheid een beetje op te poetsen. Zo heb ik jarenlang volgehouden dat ik als kind stiekem in mijn eentje op een stoomschip was geklommen om door Amerika te toeren, terwijl mijn vader gewoon netjes naast me op het dek stond. Ook vertelde ik iedereen die het horen wilde dat ik in 1880 in Boedapest les had gehad van de beroemde Franz Liszt, wat natuurlijk prachtig stond op mijn cv. Later kwamen nieuwsgierige onderzoekers er via mijn eigen dagboeken achter dat Liszt toen heel ergens anders zat en we elkaar op die reis nooit hebben ontmoet, dus als leugenaar was ik duidelijk minder getalenteerd dan als pianist.

Het laatste grote meesterwerk

Aan het begin van de nieuwe eeuw begon mijn gezondheid me helaas flink in de steek te laten door een slepende nierziekte. Toch bundelde ik tussen 1905 en 1908 al mijn krachten voor Iberia, een reeks van twaalf muzikale indrukken voor de piano waar ik mijn hele ziel en zaligheid in stopte. Die stukken zitten zo vol met ingewikkelde ritmes en kleuren dat menig pianist er bij de eerste blik op de bladmuziek al een lichte kramp in de vingers van krijgt, maar vrienden als Claude Debussy waren er gelukkig dol op. Lang heb ik niet meer van dat succes kunnen genieten, want in mei 1909 overleed ik op achtenveertigjarige leeftijd in het Franse Cambo-les-Bains, waarna ik in mijn geliefde Barcelona werd begraven.

Geadopteerd door de gitaristen

Na mijn dood gebeurde er iets bijzonders met mijn muziek, want het bleek dat die denkbeeldige gitaar uit mijn hoofd ook op een echte gitaar prachtig tot leven kwam. Grootmeesters als Francisco Tárrega en Andrés Segovia bewerkten mijn pianostukken noot voor noot voor hun eigen instrument, waardoor mijn werk een vaste plek kreeg op het programma van vrijwel elke klassieke gitarist. Het voelt een beetje alsof je een mooi maatpak ontwerpt en achteraf ontdekt dat het een ander eigenlijk nog beter staat dan jezelf. Daarnaast ben ik er trots op dat ik de weg heb mogen vrijmaken voor een nieuwe generatie Spaanse componisten, onder wie Manuel de Falla en Joaquín Turina.

Een reis naar de zon

Als je vandaag naar mijn muziek luistert, hoef je van mij echt niet te letten op ingewikkelde muzikale regels of technische hoogstandjes. Ik wil je vooral het gevoel geven dat je op een warme avond door een Spaans stadje loopt, waar in de verte iemand op een gitaar tokkelt en er plotseling wordt gedanst. Muziek moet voor mij namelijk niet klinken als een stoffig museumstuk, maar als een goed gesprek vol temperament, heimwee en levenslust. Dus leun lekker achterover, sluit je ogen en laat mijn noten je gewoon even meenemen naar de Spaanse zon.
---
Vond je het mooi om zo met mij terug te kijken op mijn leven? Als je nu benieuwd bent geworden naar hoe mijn muziek klinkt, kun je hier op de site ook luisteren naar Asturias (Leyenda). Klik gerust op de links hieronder om dat stuk verder te ontdekken.
Asturias (Leyenda)
Prélude in G minor from Chants d'Espagne, Op. 232, No. 1