Jacques Offenbach
Componist

1819 – 1880

Portret van Offenbach
Yo yo yo, jonguh, ik ben Jacques Offenbach, die cellogozer uit Keulen die later Parijs helemaal op z'n kop zette, wollah! Ik ga jou nu m'n hele levensverhaal droppen, mattie, lekker rustig, zonder gezeik, tintin! Hier op deze site leren ik en m'n collega-componisten jou mijn stukken herkennen zodra ze knallen uit je speakers, dus check die  Trainer en probeer het , jonguh, breezy!
---

Zevende van tien, en toch de baas

Yo, check mijn verhaal: ik ben in 1819 in Keulen gedropt als Jacob, de zevende van tien kinderen, wollah, wat een drukke tent! Mijn ouwe, Isaac Juda, was cantor in de synagoge, dus zingen was bij ons thuis gewoon standaard, jonguh. Mijn broer Jules kraste op de viool en mijn zus Isabella beukte op de piano, en ik, mattie, ik pakte de cello en ging lekker bezig. In 1833 ging ik op mijn veertiende naar het Conservatoire in Parijs, maar na een jaartje was ik daar alweer weg, want zo'n strak schoolgozer was ik niet, tintin!

Eigen tent, eigen regels

Vanaf 1835 zat ik als cellist bij het Opéra-Comique, en ik toerde ook als kanjer van een virtuoos, zelfs in Engeland in 1844, breezy! In 1850 werd ik muzikaal baas bij de Comédie-Française, en dat was al fris, maar ik wou meer, jonguh. Dus in 1855 trok ik mijn eigen theater open, de Bouffes-Parisiens, vlak aan de Champs-Élysées, helemaal eigen kot, no cap! Daar kon ik eindelijk mijn gekke grappen kwijt, en de mensen lagen dubbel, wollah, ze wouden niet meer naar huis.

Parijs, mijn speeltuin

Parijs was mijn stad, mattie, een en al lichtjes, theaters en gasten die willen lachen, echt een beest van een plek! Napoleon III hoorde mijn muziek en gaf me in 1860 het Franse staatsburgerschap, want ik was geboren als Pruis, hè, niet als Fransoos. In 1861 plakten ze er ook nog de Légion d'honneur bovenop, ik werd chevalier, safe, wat een flex! Dus die Keulse jongen liep ineens rond als echte Parijse gozer met een lintje op zijn jas, ouwe, je moet het maar flikken.

Van de hel naar de dansvloer

Mijn grootste knaller kwam in 1858: Orphée aux enfers, in het Engels Orpheus in the Underworld, een operette waar de goden in de hel loeigek doen. Daaruit komt de Can-Can, die dolle beenzwaaier waarvan je zeker de tune kent, ook al weet je niet waarvan, lekker bezig! Maar let op, jonguh, ik heb die dans niet bedacht, die bestond al sinds de jaren 1830 in louche tenten, ik heb hem alleen hip gemaakt, tintin! Daarna kwamen nog La belle Hélène in 1864, La Vie parisienne in 1866 en La Périchole in 1868, en mattie, die gaan allemaal door als een bezetene.

Van held naar nul

In 1870 donderde het Tweede Keizerrijk om, en wollah, ineens was ik de pispaal in Parijs, want ik was Duits geboren en dikke maatjes met het keizerlijke hof geweest. In Londen en Wenen bleven ze mij gelukkig gewoon fijn vinden, breezy, dus ik was niet helemaal klaar. Vanaf 1873 leidde ik het Théâtre de la Gaîté, maar dat ging financieel helemaal de gracht in, wat een verlies, ouwe! Ik had zo'n geldzak-gat in mijn zak dat ik wel kon huilen, maar ja, de show moet doorgaan, hè, check.

Laatste ronde

In 1876 stak ik over naar Amerika voor een tour, jonguh, helemaal over de grote plas, en dat was echt een avontuur! Daarna werd ik moe en ziek, want die jicht beukte op mijn lijf als een gozer zonder genade. Op 5 oktober 1880 ging ik in Parijs dood, 61 jaar oud, mijn hart hield er gewoon mee op door een acute jichtaanval, shit! Ik kreeg een staatsbegrafenis, mattie, helemaal met alles erop en eraan, en ik lig nu in het Montmartre-kerkhof, lekker rustig.

Mijn laatste grap kwam te laat

Mijn onaffe opera The Tales of Hoffmann ging in februari 1881 in première bij het Opéra-Comique, en ik zat er dus niet bij, wollah, wat een pech! Ernest Guiraud maakte de orkestratie, met flink wat veranderingen en knip-en-plakwerk, dus een echte, enige versie bestaat niet, tintin. Later pikten gasten als Franz von Suppé, Johann Strauss II en Arthur Sullivan mijn vibe op en bouwden ze erop door, echte kanjers! En in de twintigste eeuw haalde de wereld mijn spul weer uit de kast, dus ik ben niet kapot te krijgen, breezy.

Wat ik jou geef

Ik wil dat jij lacht, jonguh, gewoon keihard lachen, zonder dat je iets van klassiek hoeft te snappen! Zet die Can-Can maar aan en ga als een beest door je huiskamer stuiteren, geen gêne, mattie. Vergeet dat statige gedoe, bij mij is muziek een feestje met een knipoog, check! Dus pak je beste dansbenen, wollah, en laat die hel maar lekker losgaan, tintin!
---
Nou jonguh, wollah, lekker bezig was je, of niet: had je er zin in, die ritje door mijn leven, of was het gewoon tof, mattie? Check nou meteen de muziek van mij die hier op de site staat, de Can-Can uit Orphée aux enfers, en wollah, die ouwe knaller schopt gewoon de deur in, tintin! Klik snel op die links hieronder, gozer, en duik erin, want die beesten van noten gaan je hele dag opfleuren, no cap!
Barcarolle
Belle nuit, ô nuit d'amour