NOCTURNE IN E FLAT MAJOR VAN CHOPIN
DE MOOISTE MOMENTEN
Nocturne in E-flat major, Op. 9 No. 2

Ik ben Chopin, en ik neem je graag mee naar de mooiste momenten uit mijn Nocturne in E flat major. Misschien ken je die melodie al, al is het maar van horen zeggen, want dit stuk wordt vaak gezien als het bekendste dat ik ooit schreef. Ben je nieuwsgierig naar de mooiste momenten van de Nocturne in E flat major? Dan loop ik graag met je mee, als gids door een stuk dat niet langer duurt dan 34 maten. Het is de kortste nocturne van de drie in mijn eerste gepubliceerde reeks, en toch hoor je er een hele nacht in. We nemen de tijd om te luisteren naar wat er onder de zachte melodie schuilgaat, want ook in een majeurtoonsoort blijft er een vleugje weemoed hangen. Als we de mooiste momenten samen hebben beluisterd, geef ik je daarna nog een paar manieren om de Nocturne in E flat major verder te ontdekken.
---
Een lied zonder zanger
Ik laat de Nocturne in E flat major beginnen met een melodie die klinkt alsof iemand een lied zingt, alleen zonder woorden en zonder zanger, want de piano doet al het werk. Het tempo is Andante, dus rustig wandelend, en omdat ik het in 12/8 schreef, wiegt alles zachtjes heen en weer als een hangmat waar je met een kop thee in zit.
Hetzelfde verhaal, maar dan met extra krulletjes
Ik laat het midden van het stuk vooral draaien om dezelfde melodie die steeds terugkomt, en elke keer hang ik er wat meer versiering aan, een beetje zoals een oom die zijn verhaal bij elke verjaardag mooier maakt. Tussen die herhalingen laat ik een zacht dalend gangetje klinken dat de stukken aan elkaar knoopt, en ondanks de vrolijke majeurtoonsoort blijft er af en toe een vleugje weemoed hangen.
Afscheid nemen zonder haast
Ik sluit af met een korte cadens, een soort laatste sierlijke zucht waarin ik de maat even loslaat, en in de voorlaatste maat staat daarom zelfs senza tempo, oftewel zonder tempo. Daarna volgen een paar rustige slotakkoorden, en met maar 34 maten is dit de kortste van de drie nocturnes in mijn Op. 9, een afscheid dat langer lijkt te duren dan het in werkelijkheid doet.
---
Aan het eind van dit stuk laat ik de maat los: in de voorlaatste maat staat senza tempo, zonder tempo, zodat de pianist even alle ruimte krijgt. Daarna volgen een korte cadens en een paar rustige akkoorden, en dan is het stil. Het hele stuk duurt maar 34 maten, het kortste van de drie nocturnes uit mijn Op. 9, en toch blijft het lang in je hoofd hangen. Misschien komt dat doordat er, ondanks de majeurtoonsoort, steeds een vleugje weemoed in doorklinkt. Ik schreef het zo dat je er gerust blij en een beetje droevig tegelijk bij mag zijn. Heb je genoten van het ontdekken van de mooiste momenten van de Nocturne in E flat major? Ik hoop dat je het stuk nu met andere oren hoort, en dat je bij de laatste akkoorden nog even blijft zitten voordat je iets anders opzet. Er valt nog veel meer te ontdekken over de Nocturne in E flat major. Je kunt bijvoorbeeld kijken naar de twee andere nocturnes uit dezelfde reeks, of naar de eenvoudiger nocturnes van John Field, waar mijn stuk het meest op lijkt. Klik gerust op de links hieronder om verder te luisteren en te lezen over de Nocturne in E flat major.
