Monnikskeel dropt bekeringstori over Massenets Meditation from Thais
De backstory

Méditation from Thaïs

Massenet vertelt de backstory van zijn Meditation from Thais
Ewa niffo, Jules Massenet hierzo, en ik gooi nu de hele backstage-torie van mijn Meditation from Thais op tafel, wollah! Je checkt hier hoe een Parijse opera voor mijn Amerikaanse muze Sibyl Sanderson in 1894 ontplofte tot een wereldwijde viool-banger waar zelfs kampioenen op het ijs op glijden, tantoe ziek! Trouwens, samen met mijn collega-componisten stoom ik je op deze site helemaal klaar om onze pokoes direct te herkennen, dus  trap die Trainer aan , gap!
---

Helemaal leip gaan voor mijn Amerikaanse muze, niffo!

Faka dan, mattie, je denkt toch niet dat ik zomaar op een saaie dag wakker werd en dacht: laat ik even een random vioolriedeltje in elkaar flansen, wollah meh! Nee man, ergens rond 1892 zat ik dus kapot hard in de wolken door Sibyl Sanderson, zo'n gruwelijke Amerikaanse sopraan die echt mijn allergrootste muze en bestie was, geen grap! Ik had in 1889 al die hele opera Esclarmonde speciaal voor die kanjer geschreven, maar haar strot was zo'n ziek wapen dat ik zwoer: ik moet nog een veel dikkere pokoe voor haar bouwen, ouwe! Zij had die shine van een echte diva, broer, dus ik ging rechtstreeks naar de tekentafel om een compleet nieuwe opera om haar heen te timmeren waar heel Parijs kaolo stijl van achterover zou slaan, tintin!

Een pittig boekie uit 1890 strippen, jonguh!

Dus check de situatie, gap: mijn vaste tekstschrijver Louis Gallet komt ineens aanzetten met zo'n tantoe spraakmakend boek uit 1890 van Anatole France, en ik wist meteen dat we goud in handen hadden! We hebben dat verhaal toen omgetoverd tot mijn opera Thaïs, een dikke comédie lyrique in drie bedrijven en zeven tableaux, helemaal in het Frans natuurlijk, want zo rollen wij op die blok, sahbi! En vraag me niet om een opusnummer, drerrie, want aan die saaie boekhouding deed ik nooit bij mijn opera's, al hebben nerds er later wel nummertjes als DO 24 en IJM 237 op geplakt, boeien! Tussen 1892 en 1893 zat ik als een bezeten beest te pennen aan die partituur, beetje pendelen tussen de drukte van Parijs en mijn chille stekkie in Égreville, lekker bezig toch?

Eindbaas op het conservatorium en knallen maar!

Vergeet niet hè, neef, ik was in die tijd al een gigantische grote speler in de scene, want ik liep van 1878 tot 1896 gewoon de baas te spelen als professor compositie aan het Conservatoire in Parijs! Bovendien zat ik toen net midden in een zieke hype omdat mijn andere opera Werther in 1892 in Wenen en in 1893 in Parijs alle tenten compleet had afgebroken, kassa gewoon! Op 22 oktober 1893 klapte ik in Parijs eindelijk de laatste noot van Thaïs op papier, helemaal gesloopt maar trots als een pauw, want die hele score stond als een huis, gek! Ik dacht echt bij mezelf: als die snobs in het theater dit straks horen, gaan ze sowieso janken in hun dure pluche stoeltjes, let maar op mijn woorden, strijder!

Fittie tussen een monnik en een courtisane in Egypte!

Maar waar gaat die hele tori in die opera nou eigenlijk over, vraag je je af met je goeie gedrag, kil? Nou, je hebt dus Thaïs, de allerheetste courtisane van heel Alexandrië in het Egypte van de vierde eeuw, die alleen maar leeft voor luxe, feesten en foute mannen, hayek wild! Opeens komt die strenge cenobietenmonnik Athanaël haar leven binnenvallen met één missie: haar ziel redden en haar bekeren tot het christendom, dus je krijgt me daar een verbale matpartij in het tweede bedrijf, niet normaal! Precies tussen scène 1 en scène 2 van dat tweede bedrijf moest ik een symfonisch intermezzo droppen om te laten horen hoe die preek van Athanaël haar hoofd helemaal parra maakt en haar hart omdraait, snap je die?

Geen oosterse yoga, maar zware zielspijn op de snaren!

Mensen denken tegenwoordig weleens dat de titel Méditation from Thaïs slaat op een of andere zweverige oosterse zen-sessie op een yogamatje, maar dat is echt dikke onzin, zemmer! In mijn vroege partituren noemde ik het stuk zelfs nog Méditation religieuse, puur omdat Thaïs in die instrumentale entr'acte zonder één woord te zeggen door een zware christelijke bekering en spirituele crisis heen gaat, wollah! Het is dus ook absoluut geen gezongen aria met tekst en het heeft nul andere bijnamen, vriend, alleen een solo-viool, een orkest met harpen en op het einde een woordeloos koor dat backstage meezingt alsof er engelen landen! Ik heb dat ding strak in zo'n driedelige ABA-vorm gegoten, waarbij dat vurige middenstuk met Poco più appassionato en een kleine vioolcadens precies tussen twee rustige blokken van de hoofdmelodie geklemd zit, kapot slim bedacht!

Première in 1894 met een losgeschoten bandje, oeh la la!

Toen brak 16 maart 1894 aan, de grote première in de Opéra Garnier in Parijs, met Paul Taffanel als dirigent op de bok, mijn muze Sibyl Sanderson als Thaïs en die beresterke Jean-François Delmas als Athanaël, gruwelijk team! Maar tijdens het eerste bedrijf gebeurde er iets lijps op het podium, abi: het schouderbandje van Sibyl haar kostuum schoot los of brak af, waardoor ze ineens half bloot voor die hele chique zaal stond, schande op de blok! Tot op de dag van vandaag weet helemaal niemand zeker of dat nou een dom ongelukje was of een keiharde publiciteitsstunt van haar om de boel op stelten te zetten, maar de roddelpers ging natuurlijk helemaal los, jonguh! De critici vonden die mix van religie en erotiek in mijn opera eerst maar een beetje lastig te slikken, al heb ik op 13 april 1898 nog wel een strakgetrokken revisie in diezelfde Opéra Garnier laten knallen, hoor!

Van operapauze naar wereldhit in de zak van mijn uitgever!

Terwijl die zuurpruimen in de krant nog zaten te zeuren over het verhaal, ging mijn Méditation er meteen vandoor als een raket die niet meer te stoppen was, kaolo bizar! Veel luisteraars denken nu dat ik het meteen als los concertstuk voor viool en piano heb geschreven, maar het begon dus echt midden in mijn opera voordat mijn uitgever Heugel & Cie in 1894 de volledige partituur en het vocale uittreksel in Parijs op de markt gooide, ouwe! Datzelfde jaar 1894 liet Heugel & Cie namelijk ook meteen een losse bewerking voor viool en piano droppen, gefikst door die Belgische violist Martin-Pierre Marsick, en toen was het hek helemaal van de dam, kassa! Voor ik het wist speelde elke violist ter wereld dat stuk met orkest of met piano als de ultieme toegift om het publiek nog één keer helemaal week in de knietjes te maken, lekker voor mij toch, mattie?

Van grote vioolbazen tot glijden op het ijs, broer!

Als je kijkt wie mijn track later allemaal op de plaat hebben gezet, val je echt achterover van de grote namen, gap: legendarische vioolbazen als Fritz Kreisler en Jascha Heifetz hebben er hun ziel en zaligheid in gelegd! En daarna kwamen zwaargewichten als Itzhak Perlman, Joshua Bell en Anne-Sophie Mutter ook nog eens langs om die hoge noten zo vet te laten huilen dat geen enkel oog droog bleef, geen grap! Muzikanten bleven maar nieuwe versies bouwen voor cello, fluit en allerlei andere solo-instrumenten, want iedereen wilde een graantje meepikken van die heerlijke melodie van mij, tintin! Zelfs op de schaatsbaan werd mijn meesterwerkje een wapen, neef, want niemand minder dan olympisch kampioene Yuna Kim zwierde over het ijs op mijn noten tijdens het kunstrijden, hoe lauw is dat dan?
---
Ewa strijder, zeg eerlijk op je hart, ging je niet tantoe lekker op die hele chaotische ontstaansgeschiedenis achter mijn Meditation from Thais, of ben ik nu aan het trippen, neef? Geloof mij maar, mattie, we zijn nog lang niet uitgespeeld met deze leipe pokoe, want naast al die gekke Parijse operadrama's valt er nog kapot veel meer te checken over hoe ik deze klapper precies in elkaar heb gesleuteld, wollah! Ram dus als de sodemieter op die linkjes hieronder en duik nog dieper in mijn Meditation from Thais, want je weet zelf: wie nu al uitcheckt mist sowieso de allerhardste juice, ouwe!