Tempowisselingen in Boedapest met Hungarian Dance No 5 van Brahms
De achtergrond

Hungarian Dance No. 5 in F-sharp minor, WoO 1, No. 5

Brahms vertelt de achtergrond van zijn Hungarian Dance No 5
Ik ben Brahms, en vandaag vertel ik je het verhaal achter mijn Hungarian Dance No 5. Je komt te weten hoe een muziekstuk dat ik gewoon opschreef voor gezellige avonden met vrienden aan de piano uiteindelijk uitgroeide tot mijn grootste succes in heel Europa. Wil je onze stukken voortaan ook meteen herkennen wanneer ze ergens klinken, ga dan aan de slag  met de Trainer  waarmee ik en mijn medecomponisten je hier op weg helpen.
---

Op pad met een temperamentvolle violist

In het begin van de jaren 1850 trok ik als jonge pianist rond met de Hongaarse violist Ede Reményi om samen concerten te geven. Tijdens die reizen maakte ik voor het eerst kennis met de opzwepende melodieën die hij elke avond met veel vuur uit zijn viool toverde. Ik begon die deuntjes gretig te verzamelen, ongeveer zoals een ander op reis mooie stenen of ansichtkaarten in zijn koffer stopt. Die vroege tochten legden uiteindelijk de basis voor mijn hele verzameling van eenentwintig Hongaarse dansen, waar Hungarian Dance No 5 er natuurlijk een van is.

Gezelligheid op één pianokruk

Tussen 1858 en 1868 besloot ik de eerste tien van die dansen eindelijk eens netjes op papier te zetten. Niemand had me daar een officiële opdracht voor gegeven, want ik deed het puur voor het plezier van mijn eigen vriendenkring. Ik schreef de stukken voor piano vierhandig, zodat je lekker knus met zijn tweeën op één bankje kon zitten om thuis muziek te maken. Het was voor mij simpelweg de leukste manier om dat levendige repertoire uit mijn tijd met Ede Reményi met mijn vrienden te delen.

Een geleend deuntje met een staartje

Voor de hoofdmelodie van Hungarian Dance No 5 gebruikte ik een bestaande csárdás met de titel Bártfai emlék. Dat prachtige stuk was niet door mijzelf bedacht, maar geschreven door de Hongaarse componist en dirigent Béla Kéler. Van mijn eenentwintig Hongaarse dansen heb ik er trouwens maar drie helemaal zelf verzonnen, namelijk nummer elf, veertien en zestien. De rest bestond uit bewerkingen van melodieën die ik onderweg had opgepikt en die ik een nieuw jasje voor de piano gaf.

Boze brieven en een ontbrekend nummer

Het is achteraf altijd een beetje de vraag gebleven of ik destijds precies wist dat sommige melodieën van nog levende componisten kwamen in plaats van uit de oude volksmond. Dat leverde flink wat gedoe op toen zowel Ede Reményi als Béla Kéler mij in het openbaar beschuldigden van het stelen van hun werk. Samen met mijn uitgever N. Simrock heb ik toen snel duidelijk gemaakt dat ik nooit had beweerd dat ik de deuntjes zelf had gecomponeerd. Daarom gaven we de bundels ook heel bewust uit als bewerkingen zonder een officieel opusnummer, al staat de reeks nu bekend als WoO 1.

Première met een goede vriendin

Voordat de drukpersen begonnen te draaien, liet ik de muziek eerst aan het publiek horen met hulp van mijn dierbare vriendin Clara Schumann. Op 1 november 1868 kropen we samen achter de piano in Haus Beaulieu in het Duitse Oldenburg voor de allereerste uitvoering van de eerste tien dansen. Je kunt je voorstellen dat onze vier handen die avond flink over de toetsen vlogen om al dat Hongaarse temperament goed over te brengen. Pas een paar maanden later, in maart 1869, bracht N. Simrock het eerste boek met de eerste vijf dansen officieel uit in Berlijn.

Kassa in Wenen

Die uitgave uit 1869 sloeg in heel Europa in als een bom en werd in één klap mijn allergrootste financiële succes bij uitgeverij N. Simrock. Dat kwam uitstekend van pas, want ik was in die late jaren zestig net bezig om me definitief in Wenen te vestigen. Bovendien beleefde ik na de première van mijn Ein deutsches Requiem in 1868 eindelijk mijn eerste grote doorbraak bij het grote publiek. Terwijl dat grote koorwerk zorgde voor mijn serieuze reputatie, betaalden deze vrolijke dansen bij wijze van spreken mijn Weense huur.

Eindelijk alleen op het bankje

Omdat niet iedereen altijd een tweede pianist bij de hand heeft in de huiskamer, maakte ik in 1872 ook een versie voor één speler. Eerlijk gezegd moet je in je eentje flink doorwerken om al die noten te raken waar je eerst nog vier handen voor had. Zowel in het origineel voor twee spelers als in mijn latere soloversie staat Hungarian Dance No 5 trouwens in de toonsoort fis-mineur. In dat vrolijke middendeel schakelt de pianopartij dan even over naar fis-majeur, voordat het donkere begin weer terugkeert.

Hulp van de orkestmannen

Tegenwoordig kennen de meeste mensen dit stuk vooral uitgevoerd door een groot orkest, maar die versie heb ik niet zelf geschreven. Van de hele reeks heb ik namelijk alleen nummer één, drie en tien eigenhandig voor orkest bewerkt. De beroemde orkestversies van Hungarian Dance No 5 zijn gemaakt door Albert Parlow en Martin Schmeling, die het stuk meteen naar g-mineur verhuisden. Zij namen me het zware tilwerk uit handen en zorgden ervoor dat ook een compleet orkest zich op deze muziek kon uitleven.

Een muzikaal broodje met drie lagen

Als je naar de opbouw kijkt, zit het stuk heel overzichtelijk in elkaar volgens een vorm met drie delen, een beetje zoals een goed belegd broodje. Je begint met het vurige hoofdthema, krijgt in het midden een heel ander stukje muziek en eindigt weer precies zoals je begonnen bent. In de bladmuziek heb ik bij die secties woorden als Allegro en Vivace gezet om de muzikanten aan te sporen er flink de vaart in te houden. Tussendoor staan aanwijzingen om het tempo even iets breder te trekken en daarna meteen weer in het gareel te lopen, wat voor die typische verrassingen zorgt.

Scheren op de maat bij de kapper

Ruim na mijn tijd kreeg die orkestversie nog een prachtig tweede leven op het witte doek, en wel in het jaar 1940. Charlie Chaplin gebruikte de muziek toen namelijk voor een beroemde scène in zijn satirische film The Great Dictator. Daarin staat hij in een kapperszaak een klant in te zepen en te scheren, precies op het wisselende ritme van mijn noten. Ik had aan mijn schrijftafel nooit kunnen dromen dat mijn muziek ooit nog eens het tempo van een scheermes zou bepalen, maar het past wonderwel.
---
Vond je het leuk om te horen hoe het verhaal achter mijn Hungarian Dance No 5 in elkaar zit? Er valt gelukkig nog veel meer te ontdekken aan deze vurige dans en hoe de muziek precies klinkt. Klik dus gerust op de links hier op de pagina om nog wat dieper in mijn Hungarian Dance No 5 te duiken.