Gouden vleugels voor gedachten in Va, pensiero van Verdi
De achtergrond
Va, pensiero

Welkom, ik ben Giuseppe Verdi en ik vertel je hier graag het verhaal achter het ontstaan van mijn koorstuk Va, pensiero. Je ontdekt hoe dit lied over heimwee mij uit een diep persoonlijk dal trok op het moment dat ik eigenlijk voorgoed wilde stoppen met componeren. Als je onze werken ook meteen wilt herkennen wanneer ze ergens voorbijkomen, laten mijn collega-componisten en ik je dat op deze site graag zien, dus probeer onze Trainer eens .
---
Klaar met de muziek
In de herfst van 1840 zat ik zo diep in de put dat ik zwoer om nooit meer een noot op papier te zetten. Ik had kort daarvoor mijn beide jonge kinderen en in juni mijn eerste vrouw Margherita Barezzi verloren, een verdriet waar geen melodie tegenop kon. Tot overmaat van ramp moest ik in die tijd ook nog een komische opera afmaken, Un giorno di regno, en je raadt al hoe vrolijk dat uitpakte. Die voorstelling flopte in september dan ook genadeloos, waarna ik mijn ganzenveer het liefst definitief in de hoek had gegooid.Een opdringerige theaterdirecteur
Gelukkig liet Bartolomeo Merelli, de directeur van het Teatro alla Scala in Milaan, zich niet zomaar wegsturen door een koppige componist. Hij liep rond met een nieuw tekstboekje van de schrijver Temistocle Solera, waar zijn oorspronkelijke keuze Otto Nicolai vriendelijk voor had bedankt. Merelli stopte dat afgewezen script voor Nabucco haast ongemerkt in mijn jaszak, zoals een tante die je bij het afscheid stiekem nog wat koekjes toestopt. Ik nam het dus maar mopperend mee naar huis in Milaan, vastbesloten om er verder geen blik op te werpen.Het grote tafel-mysterie
Op mijn hoge leeftijd heb ik in 1879 eens opgeschreven dat ik dat boekje thuis op tafel smeet, waarna het precies openviel bij de woorden Va, pensiero, sull'ali dorate. Muziekwetenschappers geloven daar tegenwoordig trouwens weinig van en denken dat ik dat verhaal achteraf wat mooier heb gemaakt, omdat ik de tekst eigenlijk al kende. Hoe het die avond ook precies is gegaan, die prachtige regels van Solera lieten mij vanaf dat moment geen seconde meer los. Voor ik het goed en wel besefte zat ik in 1841 toch weer achter mijn bureau om aan de opera te werken die toen nog Nabucodonosor heette.Heimwee aan de waterkant
In het derde deel van de opera zitten de Joodse gevangenen in ballingschap aan de oevers van de Eufraat in Babylon. Solera baseerde hun tekst op Psalm 137, waarin mensen ver van huis terugdenken aan het land dat ze zijn kwijtgeraakt. Omdat ze daar als gevangenen hun verdriet uitzingen, staat het stuk in het Engels inmiddels overal bekend als het Chorus of the Hebrew Slaves. Toen ik die woorden op muziek zette, voelde ik na mijn eigen verliezen maar al te goed hoe het is om ergens naar terug te verlangen.Zes kruisen voor de zangers
Ik koos voor Va, pensiero de toonsoort Fis-groot, wat op papier een flinke verzameling kruisen oplevert waar muzikanten soms even van moeten slikken. Voor de luisteraar merk je van dat gereken gelukkig niets en klinkt die toonsoort juist heel warm en helder. Bovendien schreef ik bij de inzet van de zangers Largo en cantabile, een vriendelijk verzoek om het rustig aan te doen en de melodie echt te laten zingen. In een gewone vierkwartsmaat ontstaat zo een vredige cadans waarin elk woord van het koor alle ruimte krijgt.Een overzichtelijke blauwdruk
Wie onder de motorkap van het stuk kijkt, ziet dat ik het heb opgebouwd rond twee coupletten van elk acht dichtregels. Ik heb daar een heel overzichtelijk muzikaal patroon voor gebruikt: eerst klinkt twee keer het hoofdthema, daarna volgt een uitstapje en aan het eind keren we weer terug naar het begin. Dat klinkt in de oren net zo vertrouwd als een wandeling waarbij je halverwege even een ander bospad neemt, maar uiteindelijk gewoon weer bij je eigen voordeur uitkomt. Met een kort voorstukje van het orkest en een rustige afronding achteraf staat het hele koorstuk daardoor als een huis.Het verkeerde bisnummer
Op 9 maart 1842 ging Nabucco eindelijk in première in het Teatro alla Scala onder leiding van dirigent Eugenio Cavallini. De avond werd een enorme triomf die mijn carrière redde en alleen al in het herfstseizoen van dat jaar zevenenvijftig volle zalen trok. Vaak wordt beweerd dat het publiek die eerste avond meteen om een herhaling van Va, pensiero riep om een Oostenrijks verbod op toegiften te trotseren, maar archiefonderzoek van Roger Parker liet zien dat dat een fabeltje is. De toeschouwers klapten hun handen die avond wel degelijk stuk voor een bisnummer, alleen was dat voor het latere gebedskoor Immenso Jehova.Een lied met een dubbele bodem
Mijn uitgever Giovanni Ricordi bracht de bladmuziek nog datzelfde jaar in Milaan uit via zijn Casa Ricordi, zodat iedereen het thuis kon spelen. Hoewel het in 1842 nog niet meteen als een politiek strijdlied werd gezien, groeide het koor in de tientallen jaren na de eenwording uit tot hét symbool van het Risorgimento. De hunkerende woorden over een verloren vaderland pasten achteraf namelijk precies bij de droom van één verenigd Italië. Het lied is door de jaren heen zelfs talloze keren voorgesteld als een officieus of vervangend Italiaans volkslied, al bleef het officieel gewoon bij mijn opera.Een koor van achthonderd man
Hoe diep deze melodie in de Italiaanse ziel zat, bleek wel toen ik in januari 1901 in Milaan naar mijn laatste rustplaats werd gebracht. Langs de straten begonnen de omstanders tijdens mijn rouwstoet spontaan uit volle borst Va, pensiero te zingen. Een maand later kregen mijn tweede vrouw Giuseppina Strepponi en ik een nieuw graf bij het Casa di Riposo per Musicisti, het rusthuis voor oude muzikanten. Dirigent Arturo Toscanini stond daar toen voor een koor van maar liefst achthonderdtwintig zangers om het stuk nog één keer voor ons te laten klinken.Protest vanuit het pluche
Meer dan een eeuw later bewees mijn oude melodie dat ze nog altijd voor opschudding kan zorgen in het theater. Op 12 maart 2011 dirigeerde Riccardo Muti een feestelijke opvoering van Nabucco in het Teatro dell'Opera di Roma voor het honderdvijftigjarig bestaan van de Italiaanse eenheid. Het publiek vroeg om een herhaling van Va, pensiero om te protesteren tegen flinke overheidsbezuinigingen op kunst en cultuur. Muti draaide zich niet alleen om voor die toegift, maar nodigde de hele zaal uit om mee te zingen, waardoor de toeschouwers plotseling zelf het grootste koor van Rome vormden.---
Vond je het mooi om te lezen hoe Va, pensiero uiteindelijk toch op papier is gekomen? Er valt over dit koorstuk natuurlijk nog veel meer te vertellen, want achter die eenvoudige melodie gaat een hele wereld schuil. Klik gerust op een van de links hier op de pagina om Va, pensiero nog verder te verkennen.
