Trompetten voor de zonnekoning bij het Te Deum Prelude van Charpentier
De luistergids

Te Deum in D major, H. 146: I. Prelude

Charpentier presenteert een luistergids bij zijn Te Deum Prelude
Fijn dat je luistert, ik ben Marc-Antoine Charpentier en dit is mijn luistergids voor Te Deum Prelude. Ik laat je hier horen hoe ik de grote fanfares van de trompet en de pauken steeds afwissel met rustigere passages voor de strijkers en houtblazers, waardoor deze korte mars van begin tot eind levendig blijft. Op deze site leren ik en de andere componisten je ook hoe je onze werken meteen kunt herkennen als je ze ergens hoort, dus  probeer onze Trainer eens .
---

Een orkest zonder zangers

Als je straks naar mijn Te Deum Prelude luistert, let dan vooral op hoe de verschillende groepen instrumenten elkaar het woord gunnen en weer aflossen. Van mijn vier bewaarde zettingen van deze lofzang is dit namelijk de enige waarin ik een trompet en pauken heb laten meespelen. Daaromheen hoor je een hele groep strijkers, fluiten, hobo's en de basso continuo die samen voor een warm en vol geluid zorgen. Het leuke voor jou als luisteraar is dat die trompet en pauken telkens het grote feest aankondigen, terwijl de andere instrumenten tussendoor juist voor een fijn gesprek op normaal volume zorgen.

Waarom het zo heet

De naam Te Deum Prelude is eigenlijk heel praktisch, want dit stuk is het puur instrumentale voorspel van mijn grote koorwerk Te Deum in D-majeur. Dat hele motet met acht zangsolisten en een gemengd koor schreef ik voor een plechtige dankdienst na een Franse triomf in de Negenjarige Oorlog, waarschijnlijk de Slag bij Steenkerque in augustus 1692. Voordat het koor en de solisten in het Latijn beginnen te zingen, moest dit instrumentale openingsdeel de hele kerk alvast in een feestelijke stemming brengen. Zie de titel dus maar als een chique manier om te zeggen dat de deuren openzwaaien en de plechtigheid op het punt staat te beginnen.

Steeds terug naar het middenplein

Het kiezen van de juiste vorm voor mijn Te Deum Prelude was een mooi avontuur op zich. Ik heb er een zogeheten Marche en rondeau in een strakke tweekwartsmaat van gemaakt, een mars waarbij één herkenbaar hoofdthema steeds terugkeert. Dat grote refrein wissel ik af met kortere instrumentale tussenstukjes die telkens een net iets andere sfeer laten horen, een beetje zoals je tijdens een stadswandeling telkens weer op hetzelfde gezellige plein uitkomt. In de volgende alinea's neem ik je stap voor stap mee door die verschillende delen, zodat je straks precies hoort hoe het verhaal zich ontvouwt.

Deel 1: De poorten zwaaien open

In het eerste deel zet ik meteen de toon in D-majeur, een toonsoort die ik in mijn eigen geschrift Règles de composition heb omschreven als vrolijk en heel strijdlustig. De trompet en de pauken nemen direct het voortouw met de statige fanfare die de ruggengraat van het hele stuk vormt. Het tempo is dat van een waardige mars, krachtig genoeg om indruk te maken maar zonder dat iemand hoeft te rennen. Na deze eerste feestelijke maten weet iedereen in de zaal meteen dat er vandaag iets groots te vieren valt.

Deel 2: Een hoffelijk gesprek tussendoor

Na dat kopergeweld van de opening geef ik de trompet en de pauken in het eerste tussenstuk even vrijaf. De strijkers, fluiten en hobo's nemen de melodie over, waardoor de klank meteen een stuk zachter en intiemer wordt. Het tempo blijft rustig doorstappen, maar de stemming verschuift van een groots militair eerbetoon naar een elegante en bijna dansante gedachtenwisseling. Vervolgens laat ik het grote refrein met de trompet weer terugkomen om je eraan te herinneren dat we nog steeds midden in een overwinningsfeest zitten.

Deel 3: Schaduw en zonlicht voor de finale

In het volgende tussenstuk zoek ik met de strijkers en houtblazers even wat meer spanning en diepte op door de harmonie een subtiele, iets serieuzere wending te geven. Juist door die korte afwisseling in sfeer klinkt de melodie hier wat peinzender, als een rustig ademmoment voordat de grote stoet weer voorbijtrekt. Daarna barst het hoofdthema in het stralende D-majeur nog één keer in volle glorie los met alle instrumenten, inclusief de trompet en de pauken. Zo breng ik het verhaal van dit voorspel rond en sluiten we af met precies dezelfde trotse energie waarmee we zijn begonnen.

Nu jij, druk maar op de knop

Nu nodig ik je van harte uit om mijn Te Deum Prelude zelf te gaan beleven. Druk op de afspeelknop en laat je lekker meevoeren door de muziek. Houd tijdens het luisteren misschien in je achterhoofd wat we net allemaal hebben besproken over die afwisseling tussen de fanfare en de zachtere tussenstukken. Ik hoop dat je de reis door mijn Te Deum Prelude net zo meeslepend vindt als ik destijds bij het schrijven!
---
Hopelijk vond je het leuk om via deze luistergids een nieuwe kant van mijn Te Deum Prelude te leren kennen. Achter die feestelijke klanken van het orkest schuilen namelijk nog veel meer mooie verhalen en muzikale momenten om in te duiken. Klik dus gerust op de links hier op de pagina om nog veel meer over mijn Te Deum Prelude te ontdekken.