Appels en pijlen bij de William Tell Overture van Rossini
De luistergids
William Tell Overture

Ik ben Gioachino Rossini, en dit is de luistergids bij mijn William Tell Overture. In ongeveer twaalf minuten ga je van een stille zonsopgang via een losbarstende storm naar een herdersmelodie en een stralend slot, en dat alles zonder pauze. Onze stukken leer je op deze site herkennen zodra ze klinken, want mijn collega-componisten en ik helpen je daarbij, dus begin maar met de Trainer .
---
Eerst even rustig gaan zitten
Mijn William Tell Overture duurt ongeveer twaalf minuten en bestaat uit vier delen die zonder pauze in elkaar overgaan, dus je hoeft tussendoor niet te klappen. Luister in het begin vooral naar de lage strijkers, want de cello's en de contrabassen dragen daar het hele tafereel, met alleen een zacht gerommel van de pauken erbij. Daarna zet je je oren wijd open voor het hele orkest, en let je op hoe de houten blazers, zoals de fluit en de Engelse hoorn, het woord nemen zodra het lawaai gaat liggen. Aan het eind komen de trompetten, de grote trom en de bekkens erbij, en dan hoef je alleen nog mee te knikken.Een titel die gewoon op de deur staat
Ik noemde dit stuk William Tell Overture omdat het de ouverture is van mijn opera William Tell, in het Frans Guillaume Tell. Een ouverture werkt een beetje als het naambordje bij een voordeur: je weet al wie er woont voordat je binnenstapt. Het verhaal erachter komt uit het toneelstuk van Schiller, en de opera ging op 3 augustus 1829 in de Salle Le Peletier in Parijs in première. Het onthaal van de opera was wisselend en er werd al snel in geschrapt, maar de ouverture heeft zich daar weinig van aangetrokken en is op eigen benen verder gegaan.Geen standaardschema, wel een reisroute
De vorm kiezen was een avontuur op zich, want ik wilde dat elk deel een eigen tafereel schilderde in plaats van netjes een bestaand schema af te werken. Berlioz, die mijn werk meestal niet mocht, noemde de ouverture een symfonie in vier delen, en dat compliment neem ik graag aan. Je hoort eerst de ochtend, dan de storm, dan een herdersmelodie en tot slot een snelle mars. Ik loop die vier delen in de volgende alinea's een voor een met je door, zodat je altijd weet waar je bent.Deel 1: Zachtjes de dag in
Het eerste deel is een langzaam voorspel en het rustigste moment van de hele ouverture. De muziek begint in e-mineur en schuift naar e-majeur, en die verschuiving voelt als een lucht die langzaam lichter wordt. De cello's zingen zonder enige haast, en zelfs de pauken durven alleen maar te fluisteren. Luister hier vooral naar de stilte tussen de noten, want die hoort net zo goed bij de muziek.Deel 2: Het onweer dat niemand had besteld
Het tweede deel staat in e-mineur en laat het hele orkest los, dus de rust van daarnet is meteen verleden tijd. Het tempo schiet omhoog, de strijkers jagen elkaar op en de klank blijft donker en dreigend. Je hoort de bui aanzwellen, bijna overlopen en dan langzaam wegtrekken. Het deel eindigt met een solo van de dwarsfluit, een dun, helder lijntje dat zegt dat het ergste voorbij is.Deel 3: Een herder die zich van het weer niets aantrekt
Het derde deel heet Ranz des vaches, de roep van de koeien, en het staat in het zonnige G-majeur. Na de storm is de stemming ineens vredig, alsof iemand de ramen openzet en de bergen weer te zien zijn. De Engelse hoorn zet de melodie in, de dwarsfluit neemt haar over en de triangel tikt er zachtjes bij. Onthoud deze melodie goed, want ze keert in mijn opera terug als een vast motief dat bij het verhaal hoort.Deel 4: De mars waar iedereen een paard bij ziet
Het slotdeel is een razendsnelle galop in e-majeur, en de trompetten geven het startschot. Het is de mars van de Zwitserse soldaten, die de overwinning van de Zwitsers op de Oostenrijkse onderdrukking uitbeeldt. Het beeld van galopperende paarden is van latere datum, want The Lone Ranger gebruikte alleen dit laatste deel en niet de hele ouverture. Het stuk raast naar het einde, en Liszt vond het zo goed dat hij er in 1838 een bewerking voor piano van maakte.Nu mag jij op play drukken
Nu nodig ik je uit om mijn William Tell Overture zelf te beleven. Druk op play, leun achterover en laat de muziek over je heen komen. Denk onderweg misschien terug aan wat we hebben besproken: de stille ochtend, de storm, de herder en de galop. Ik hoop dat je de reis door mijn ouverture net zo spannend vindt als ik hem vond toen ik hem schreef.---
Nu je de vier delen van mijn William Tell Overture kent, hoor je er hopelijk meer in dan toen je begon. Heb je genoten van deze luistergids bij mijn William Tell Overture? Het was de laatste van mijn opera's, maar ik leefde daarna nog bijna veertig jaar en bleef muziek schrijven, dus ik kijk er met een rustig gevoel op terug. Er valt nog genoeg te ontdekken rond dit stuk. Berlioz, die mijn werk meestal niet zo mocht, noemde de ouverture zelfs een symfonie in vier delen. Liszt maakte er in 1838 een versie voor piano van, en zo hoor je hoe andere musici met mijn muziek aan de slag gingen. Klik gerust op de links hieronder om verder te luisteren en te lezen. Misschien klinken de vijf cello's aan het begin de volgende keer weer helemaal anders in je oren.
