AIDA VAN VERDI
'CELESTE AIDA'

Aida, opera in four acts (1871)

Verdi presenteert een luistergids bij Celeste Aida uit zijn Aida
Ik ben Verdi, en in de komende minuten leg ik je uit wat er gebeurt in Celeste Aida, de aria uit mijn opera Aida. Soms draagt een korte melodie meer verlangen in zich dan een hele roman, en dit is zo'n melodie. Ben je benieuwd naar wat er achter Celeste Aida schuilgaat? Dan ben ik hier om je rustig door de details van Celeste Aida heen te leiden. Als we samen alles hebben bekeken, geef ik je een paar manieren om de rest van Aida verder te ontdekken.
---

Eerst stil zijn, dan pas luisteren

Bij Celeste Aida let je vooral op twee dingen: de tenor en het orkest dat hem begeleidt. Het orkest houdt zich in het begin zo bescheiden terug als een souffleur die de zanger alle eer gunt. Radamès is een tenor, en zijn stem is de rode draad, dus volg die van de eerste tot de laatste noot. Je hoeft geen woord Italiaans te verstaan om te horen hoe hij van bijna fluisteren naar zingen met volle borst gaat en weer terug.

Een titel met een bloemetje erbij

Celeste betekent hemels, en zo denkt Radamès aan Aida. Hij is een Egyptische generaal en hij houdt van haar, ook al leeft zij als gevangene in Egypte. Voor hem is zij geen gevangene maar een lichtend wezen, dus de titel is eigenlijk zijn complimentenboekje in twee woorden. Ik noemde de aria naar haar en niet naar hem, omdat je meteen moet weten voor wie hij zingt.

Een droom in drie stukjes

Over de vorm heb ik even nagedacht, maar het is gewoon een aria: een lied voor één zanger met orkest. Ik heb die aria in drie delen gebouwd: eerst een droom over de oorlog, dan een liefdesverklaring die groeit, en tot slot het beroemde slot. Zie het als een kleine reis die zacht begint, omhoog klimt en weer zacht eindigt. In de volgende alinea's loop ik die drie delen een voor een met je door.

Deel 1: Een generaal die alvast aan het juichen is

Het eerste deel is rustig en bijna in gedachten verzonken: Radamès staat alleen en hoopt dat hij de aanvoerder wordt van het leger dat tegen Ethiopië moet optrekken. Het tempo blijft kalm, zodat je zijn gedachten rustig kunt volgen. De stemming is hoopvol maar nog niet uitgelaten, want hij droomt van een overwinning die nog helemaal niet is behaald. Luister hoe de melodie in korte stukjes opstijgt, alsof hij voorzichtig durft te geloven dat zijn wens uitkomt.

Deel 2: Opeens denkt hij nergens anders meer aan

In het tweede deel verandert de stemming merkbaar, want Radamès denkt niet meer aan het slagveld maar aan Aida. De melodie wordt warmer en breder, en zijn stem klimt hoger, alsof zijn gevoelens niet meer in een kleine ruimte passen. Je hoort hier de overgang van soldaat naar verliefde man, en dat is precies het verhaal dat ik wilde vertellen. Het orkest zwelt mee, maar het blijft zijn stem laten stralen, want dit is zijn moment.

Deel 3: Het hoge slot waar iedereen op wacht

In het laatste deel klimt de melodie naar de hoge bes waar het hele stuk naartoe leidt. Ik schreef die noot heel zacht, maar ik begrijp dat niet elke tenor zijn adem daarop durft te wagen. Daarom heb ik toegestaan dat hij de bes met volle stem zingt, de woorden 'vicino al sol' een octaaf lager herhaalt en zo zacht eindigt. Welk slot je ook hoort, de stilte erna is het moment waarop de zaal pas weer durft te ademen.

Druk maar op play

Nu is het jouw beurt: zet Celeste Aida op, druk op play en laat de muziek over je heen komen. Denk onderweg even terug aan wat we besproken hebben, aan de tenor, de drie delen en het hoge slot. Ik was zelf niet in Caïro toen de opera daar op 24 december 1871 in première ging, dus ik gun jou nu de plek op de eerste rij die ik toen miste. Ik hoop dat je de reis door mijn Celeste Aida net zo spannend vindt als ik hem vond toen ik hem schreef.
---
Vond je het leuk om meer te weten te komen over Celeste Aida uit Aida? Ik hoop dat je de aria nu met andere oren hoort, met oog voor de zachte aanloop van Radamès en de lange stilte waarin hij zijn laatste noot laat wegsterven. Zelf was ik er niet bij toen Aida op 24 december 1871 in Caïro voor het eerst klonk, want Giovanni Bottesini dirigeerde die avond. Het blijft een bijzondere gedachte dat ik mijn werk moest loslaten en het zonder mij zijn eerste stappen liet zetten. Het is goed afgelopen, want binnen vijf jaar werd Aida in Europese hoofdsteden en in New York opgevoerd. Dit was nog maar één kamer in een groot huis, en er is in Aida veel meer te ontdekken. Denk aan Ritorna vincitor, een andere aria van Aida, of aan het koor Gloria all'Egitto. Denk ook aan O patria mia, dat Aida zingt aan de oever van de Nijl, en aan het slotduet O terra addio, dat de opera zo stil en zo teder afsluit. Klik daarom gerust op de links hieronder om verder te luisteren en te lezen. Ik zou graag willen dat je van Aida iets blijft houden, ook als de laatste noot allang is weggestorven.