SPRING (FOUR SEASONS) VAN VIVALDI
DE ACHTERGROND
Le quattro stagioni, Op. 8: Concerto No. 1 in E major, RV 269 ("La primavera")

Ik ben Vivaldi, en ik wil je graag het verhaal vertellen achter Spring (Four Seasons). Soms blijft een melodie jaren in je hoofd hangen, en dan ga je je vanzelf afvragen waar ze eigenlijk vandaan komt. Ben jij ook nieuwsgierig naar de achtergrond van Spring (Four Seasons)? Dan ben ik er om je rustig en stap voor stap door dat verhaal heen te leiden. We nemen er de tijd voor, want een goed verhaal heeft ruimte nodig, net als een lange wandeling op een zachte voorjaarsdag. Als we aan het einde van de achtergrond zijn gekomen, geef ik je een paar manieren om Spring (Four Seasons) zelf nog verder te ontdekken.
---
Een titel die klinkt als een boksmatch
Het geheel verscheen onder de titel Il cimento dell'armonia e dell'inventione, wat zoveel betekent als de wedstrijd tussen harmonie en vinding. Die verzameling telt twaalf concerten, waarvan de vier jaargetijden er vier zijn, en daarnaast staan er nog acht andere in. De lente is het eerste van de vier en staat in E-majeur, een toonsoort met een heldere, open klank. Die wedstrijd in de titel klinkt als een vriendschappelijke krachtmeting: de fantasie mag uitbundig meedoen, zolang de harmonie het huis netjes op orde houdt.Een datum waar zelfs kenners over twisten
Vaak lees je dat ik deze concerten rond 1718 tot 1720 schreef, toen ik hofkapelmeester in Mantua was, maar zeker is dat niet. Sommige programmaboekjes denken zelfs dat ze al een flink stuk ouder zijn dan hun publicatie, en of ze echt in Mantua zijn ontstaan, weet niemand met zekerheid. Vast staat wel dat ze in 1725 in Amsterdam zijn uitgegeven, door Estienne Roger. Tussen het schrijven en het drukken zat dus waarschijnlijk een flinke tijd, en dat is een geruststellende gedachte voor iedereen die weleens iets laat liggen.Een cadeau voor een graaf uit Bohemen
De hele verzameling droeg ik op aan een Boheemse beschermheer, graaf Wenzel von Morzin. Zo'n opdracht is een beetje als een cadeau met een strik eromheen, alleen zit er in dit geval muziek in. Die muziek is geschreven voor een solo-viool, strijkers en continuo, de groep die onder de melodie de bas en de akkoorden legt. In de lente vertelt de solo-viool als het ware het verhaal, terwijl het orkest zorgt voor de achtergrond en het weer.Een gedicht bij elke noot
Samen met de concerten verschenen sonnetten, korte gedichten die precies vertellen wat de muziek uitbeeldt. Wie ze schreef weet niemand zeker: het zou mijzelf kunnen zijn, maar bewezen is dat niet. Elk sonnet is opgedeeld in drie stukken die samenvallen met de drie delen van het concert. In de gedrukte partituur staat bovendien aangegeven welk stukje muziek bij welke dichtregel hoort, zodat je meeleest zoals bij ondertitels onder een film.Drie delen, als een driegangenmenu
Een concert is opgedeeld in delen, die we in de muziek ook wel bewegingen noemen, en dat werkt ongeveer als een driegangenmenu: elk deel heeft zijn eigen smaak en tempo, maar samen vormen ze één maaltijd. Het eerste deel heet Allegro, staat in E-majeur en is levendig, want daarin komt de lente met alles erop en eraan aan. Het tweede deel, Largo e pianissimo sempre, gaat in cis-mineur en is traag en de hele tijd heel zacht, bijna fluisterend. Het derde deel, Allegro pastorale, keert terug naar E-majeur en laat de herders en nimfen dansen.Het onweer dat de lente even laat schrikken
Volgens het sonnet trekken er onweersbuien over de hemel die er een donkere mantel overheen leggen. In het orkest laat ik lage, trillende tonen klinken voor de donder en snelle stijgende toonladders voor de bliksem, terwijl de solist er razendsnelle gebroken akkoorden doorheen speelt. Daarna sterft het geluid weg tot stilte. Dan komen de vogels voorzichtig terug, ongeveer zoals mensen die na een bui weer hun neus buiten durven te steken.Een beetje hergebruik uit de opera
In het eerste deel leen ik bepaalde patronen uit mijn opera Il Giustino. Wie opera's schrijft, denkt al snel in beelden en gebeurtenissen, en dat hoor je terug in de lente. Ik vind het zonde om een goed idee maar één keer te gebruiken, dus het mocht best twee keer van pas komen. Daardoor lijkt het concert soms minder op een stuk met noten en meer op een toneelstuk zonder acteurs.Een doedelzak zonder doedelzak
Het sonnet voor het laatste deel vertelt hoe nimfen en herders dansen op de klank van landelijke doedelzakken, onder de stralende lentehemel. In het orkest houden altviolen, cello's en bassen lange noten aan die samen een kwint vormen, en dat bromt precies zoals een doedelzak. Een kwint is een toonafstand die open en een beetje leeg klinkt, en juist daardoor komt hij zo buitenaf en landelijk over. Daarboven dansen de violen een melodie die je haast met je voeten wilt meetikken, want pastorale betekent hier gewoon een herdersdans.Meer dan alleen de lente
De lente is maar een kwart van het werk, want in de vier concerten schilderde ik ook stromende beken, stormen, dronken dansers, jachtscènes en bevroren landschappen. Bij de muziek zette ik aanwijzingen zoals 'loomheid door de hitte' in de zomer. In de herfst staat er zelfs 'de dronkaards zijn in slaap gevallen'. Daaraan hoor je dat ik het niet bij de natuur hield, maar ook oog had voor mensen die iets te lang aan tafel bleven zitten.Eerst lang stil, daarna overal
Echt bekend bij het grote publiek werd dit werk pas door opnamen uit de jaren veertig en vijftig, onder meer van Molinari en Kaufman. Sinds 1939 zijn er ongeveer duizend opnamen gemaakt, en blijkbaar vindt elke violist dat het nog één keer opnieuw moet. Zelfs de sonnetten kregen in 2019 een nieuwe Engelse vertaling, van Armand D'Angour. Dat een lentemelodie na al die tijd nog steeds nieuwe opnamen en vertalingen oplevert, neem ik als een heel mooi compliment.---
Als ik terugdenk aan deze lente, verbaast het me nog altijd hoeveel er in een paar bladzijden past: vogels, een onweer, een slapende herder en een dans. Toen de partituren in 1725 in Amsterdam verschenen, had ik nooit kunnen bedenken dat mensen er na al die tijd nog naar zouden luisteren. Sinds 1939 zijn er ongeveer duizend opnamen van gemaakt, en dat zijn een hoop lentes voor één componist. Elke uitvoering vertelt het verhaal weer net een beetje anders, en dat vind ik misschien nog wel het mooiste eraan. Heb je het leuk gevonden om meer te weten te komen over het verhaal achter Spring (Four Seasons)? Er valt nog veel meer te ontdekken in Spring (Four Seasons), bijvoorbeeld in de sonnetten die bij de concerten verschenen, want niemand weet zeker wie ze heeft geschreven. Ook de aanwijzingen in de partituur, die precies laten zien welke noten bij welke dichtregel horen, zijn de moeite van het bekijken waard. Klik daarom gerust op de links om verder te luisteren en te lezen over Spring (Four Seasons). Ik hoop dat je na afloop de eerste warme dag van het jaar net iets anders hoort.
