SYMPHONY NO 1 VAN BRAHMS
'IV. ADAGIO - PIÙ ANDANTE - ALLEGRO NON TROPPO, MA CON BRIO'
Symphony No. 1 in C minor, Op. 68

Ik ben Brahms, en in dit laatste deel van mijn Symphony No 1 neem ik je mee door IV. Adagio - Più andante - Allegro non troppo, ma con brio. Na de donkere spanning van het begin en de rust van de middendelen komt hier alles samen, en ik denk dat je daar zelf ook wel nieuwsgierig naar bent. Ben je benieuwd naar mijn uitleg over IV. Adagio - Più andante - Allegro non troppo, ma con brio? Ik ben er om je stap voor stap door de details van IV. Adagio - Più andante - Allegro non troppo, ma con brio te leiden, zodat je hoort hoe het stuk van c-mineur naar een stralend slot toewerkt. Als ik je alles over IV. Adagio - Più andante - Allegro non troppo, ma con brio heb verteld, geef ik je nog een paar manieren om Symphony No 1 verder te verkennen.
---
Wie speelt wat in het slot
Luister bij IV. Adagio - Più andante - Allegro non troppo, ma con brio eerst naar de strijkers, want zij dragen het grootste deel van het verhaal en zingen de brede melodieën. Let daarna op de pauken, die hier opnieuw meedoen en in de spannende stukken de grond laten trillen. De trombones heb je in de eerste drie delen nog niet gehoord, want die bewaarde ik voor dit deel, zodat hun eerste klanken meteen als een gebeurtenis voelen. Houtblazers, hoorns en trompetten kleuren de rest in, dus als het ineens plechtig wordt, zijn het meestal die trombones die het woord nemen.Een titel als routebeschrijving
Ik schreef de aanwijzingen er zelf boven, en samen lezen ze als een reisschema. Adagio betekent langzaam, en zo begint het deel ook: rustig, een beetje zwaar, met de tijd om rond te kijken. Più andante vraagt om iets meer beweging, en Allegro non troppo, ma con brio betekent ongeveer vlot maar niet te snel, en met vuur. Eerst ga je dus stap voor stap, dan gewoon lopen, en ten slotte met zwier naar de top, en precies zo wilde ik dat je het zou horen.Geen gewone finale, maar een hele reis
De vorm voor dit deel kiezen was een avontuur op zich, want ik wilde geen slot dat alleen netjes afrondt. Ik bouwde het uit twee grote helften: een langzame inleiding, en daarna een snel hoofddeel dat steeds meer vaart krijgt, met de aanwijzingen Adagio, Più andante, Allegro non troppo, ma con brio en Più allegro als wegwijzers. Of je er nu een vakje met een geleerde naam op wilt plakken of niet, belangrijker is de route, want die begint in c-mineur en eindigt in C-majeur. Ik loop de stukken hieronder één voor één met je door, zodat je precies weet waar je bent.Sectie 1: De mist hangt nog laag
Het deel begint in c-mineur met de langzame aanwijzing Adagio, en je hoort meteen dat er iets onopgelost in de lucht hangt. De muziek tast voorzichtig vooruit, alsof ze nog niet durft te zeggen waar ze heen wil. Toch laat ik hier al een nieuwe melodie horen, een eerste teken dat dit deel iets anders wil vertellen dan de delen ervoor. Houd die spanning vast, want ze moet straks worden ingelost.Sectie 2: Een herdershoorn en een kerkkoor
In de rest van de inleiding verschijnt de melodie van de alpenhoorn, die ik in september 1868 al aan Clara Schumann had gestuurd, op haar verjaardag, met de woorden: 'Zo blies de herdershoorn vandaag!' Die toon klinkt open en ruim, alsof iemand in de bergen het ochtendlicht begroet. Daarna volgt een koraal van de trombones, plechtig en breed, en dit is hun eerste grote moment in de hele symfonie. De aanwijzing Più andante laat de muziek ondertussen wat opschuiven, zodat je voelt dat de stilte voorbij is en er iets gaat gebeuren.Sectie 3: Een lied om mee te zingen
Dan komt Allegro non troppo, ma con brio, en daarmee het hoofdthema: breed, als een hymne, zo eenvoudig dat je het na één keer horen al kunt neuriën. Dat thema lijkt op de Ode aan de Vreugde uit Beethovens Negende, en in 1877 noemde dirigent Hans von Bülow mijn symfonie zelfs 'Beethovens Tiende'. Ik reageerde er afwijzend op, en het verhaal gaat dat mijn antwoord nogal kortaf was. Musicoloog Donald Tovey schreef later dat mijn thema alleen met dat van Beethoven wordt vergeleken omdat het groot genoeg is om die gelijkenis op te roepen, en daar kan ik me prima in vinden.Sectie 4: Het feest mag beginnen
Met Più allegro gaat het tempo nog een tandje omhoog, en de muziek stuwt vooruit alsof niets haar nog kan tegenhouden. Alle spanning uit het begin, de c-mineur van de inleiding, wordt nu omgezet in licht. Het deel eindigt in een triomfantelijk C-majeur, waarin het hele orkest tegelijk lijkt te juichen. Na een symfonie die zo somber en zoekend begon, voelt dat als een deur die eindelijk openzwaait.Nu is het jouw beurt
Nu mag je zelf luisteren naar IV. Adagio - Più andante - Allegro non troppo, ma con brio, dus druk op play en laat de muziek maar over je heen komen. Denk onderweg misschien even terug aan wat we samen hebben besproken: de trombones die pas hier verschijnen, de herdershoorn en de hymne. Je hoeft niets te herkennen om ervan te genieten, want de muziek vertelt zichzelf wel. Ik hoop dat je de reis door dit deel net zo spannend vindt als ik het vond toen ik het schreef.---
Heb je genoten van deze luistergids bij IV. Adagio - Più andante - Allegro non troppo, ma con brio uit Symphony No 1? Ik hoop dat je het slot nu met andere oren hoort, van de trage, aarzelende opening tot de overwinning in C-majeur. Voor mij is dit het deel waarin alles samenkomt: eenentwintig jaar twijfelen en schaven, en dan eindelijk de lucht in die opklaart. Als je het deel opnieuw luistert, let dan eens op de hoornmelodie en op het moment waarop de trombones voor het eerst het woord nemen. Misschien hoor je dan ook zelf wat er in dat grote, zingende thema doorklinkt, en wat er anders is dan bij Beethoven. Maar er valt in Symphony No 1 nog veel meer te ontdekken. Denk aan de donkere paukenslagen waarmee het begint, de intieme klanken van het tweede deel en het warme, verweven spel van het derde. Elk deel heeft zijn eigen karakter, en samen vertellen ze een verhaal dat je pas goed ziet als je het geheel kent. Klik gerust op de links hieronder om verder te luisteren en te lezen over Symphony No 1. Neem er de tijd voor, zet de muziek zacht aan het begin en laat haar daarna zo luid worden als ze zelf wil.
